Sillustani is een grote bijzonder begraafplaats uit de pre-Inca en Incatijd. Het ligt ca. 52 km ten westen van Puno als een grote heuvel in een Lagune. De graftombes zijn grote torens, van soms 12 m hoog.
Ik pak de collectivo, een minibusje. Gezellig want ik heb meteen aanspraak met de dames in de bus, goed voor mijn Spaans. Onderweg moeten even de wielmoeren worden vastgezet, geeft al meteen een veilig gevoel. In Desvio neem ik een taxi. De reis duurt 45 minuten. Er is geen portier te bekennen, dus ik loop door en later spreken we af dat ik bij vertrek betaal. Ik ben feitelijk alleen (even een touristenbus waar ik geen last van heb). Heerlijk!! Alle georganiseerde excursies gaan naar deze plek in de middag, vandaar. Het gebied is indrukwekkend. De mooiste, serene begraafplaats die ik ooit heb gezien. Vooral veel indruk maakte het panorama vanaf de top van de heuvel. Ik heb geprobeerd het te fotograferen maar denk dat dat niet is gelukt. Stel je voor: onder een wit/blauwe lucht, rotsen op de voorgrond, de blauwe lagune die rimpelloos erbij ligt, blauw wordt verderop groen (algen?), een eiland en een schiereiland in de lagune en op de achtergrond hoge besneeuwde bergen. Om stil van te worden. En als je stil wordt is het ook muisstil. Een perfecte plaats om te mediteren.
Ik kom Delfina tegen met haar schapen en Alpaca's. We raken wat aan de praat en ze is in staat om mij wat geld af te troggelen: 1 sol voor een foldertje, 1 sol voor een oude Peruaanse sol munt, ze heeft vier muntjes van 10 € cent, dat wordt bij deze bank dus 1,6 sol en 1 sol voor een foto.
Later kom ik 'mi amiga' weer tegen en ze probeert van mij een pen te krijgen en mijn lippen balsem. Dat kan ik met een lach en een kwinkslag afdoen. Vervolgens leert ze me hoe ik met een steenslinger stenen kan werpen. Hetzelde systeem als waarmee David Goliath heeft verslagen. Het is een gevaarlijk experiment, want de steen vliegt recht omhoog ipv naar voren. Gelukkig raken we niet gewond.
De weg terug gaat weer met een taxi, die echter nu als collectivo fungeert. Iedereen langs de weg wordt ingeladen, plaats of niet (t/m de laadklep, stationcar). En vervolgens overstappen op de collectivo. Samen kost deze 52 km mij 4 sol ($1,3), kom daar in Nederland eens voor.
In Puno ontdek ik het Coca museum waar alles over dit 'genot middel' wordt uitgelegd, inclusief een goed overzicht van alle Peruaanse traditionele dansen en klederdrachten. Coca wordt door mensen al 20000 jaar gebruikt als 'geneesmiddel', het zit helemaal in de cultuur en pas de laatste 130 jaar wordt er Cocaine van gemaakt.
Puno is een grote drukke stad. Het centrum bestaat feitelijk uit 2 pleinen, verbonden door een gezellige (vooral 's avonds) uitgaansstraat. Verder een grote overdekte markt waaromheen ook veel eettentjes voor geroosterde kip. Dat is hier het hoofdgerecht. En een haven, vooral voor toeristische trips naar de eilanden.
De schoenpoetsers snappen hier niet dat ik mijn bergschoenen niet door ze durf te laten poetsen (slecht voor de Goretex). Een jongetje (10 jr?) klinkt erg overtuigd: 'Meneer hoe voel je je? Goed? Nou je schoenen voelen zich niet goed, maar wel als ik ze onderhanden heb genomen'. Ik was bijna gezwicht.
In de middag ga ik een oude stalen stoomboot bezoeken. Dit is een bijzondere boot. Hij is in 1862 in GB gebouwd en daarna in 2766 stukken ()samen met eenzusterschip) uit elkaar genomen van ieder 120 kg. Vervolgens is hij per schip naar Peru gebracht en op ezels over de Andes getransporteerd. Deze reis duurde 6 jaar. In Puno is het schip weer geassembleerd. Rond 1870 heeft zij dienst gedaan als oorlogsschip tegen Chili. In 1914 is de stoommachine vervangen door een diesel. Het schip wordt gerenoveerd om weer (toeristisch) te varen.
Een welbestede dag. Morgen denk ik naar Copacabana (Bolivia) te gaan.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten