Eerst ben ik naar Tiwanaku gegaan, grote opgravingen van de Tiwanaku beschaving die hier van ca. 2000 voor C tot 1200 na C bestond, waarna ze door de Inca's werden overwonnen. In tegenstelling tot mijn boek vond ik de opgravingen minder interessant. Wel leuk vond ik de stenen megaphone in een tempel muur. Als je daar achter gaat staan en fluistert wordt dat gigantisch versterkt, zonder electriciteit!!!!
Zaterdag heb ik mijn ontspanning ingevuld door een adembenemende mountain bike tour over de 'Death Road' van La Paz naar Coroico in de Yungas. De naam is ontstaan omdat het enkele jaren geleden de gevaarlijkste weg ter wereld was. Het gevaar is afgenomen omdat er nu een nieuwe weg is waarover het gemotoriseerde verkeer gaat. De oude weg gaat langs diepe ravijnen, er zijn veel bochten en de weg is onverhard. Je kunt aan de kruisjes zien hoeveel slachtofeers hier zijn gevallen, meestal door onbezonnenheid en spelletjes. Je moet je remmen goed gebruiken dan valt het wel weer mee. Na 6 uur waren we beneden, kletsnat van de regen. Ik heb zelf geen foto's genomen, want de reisagent heeft dat voor ons gedaan.
In Coroico kregen we een lunch in hotel Esmeralda. Dat is zo een goed hotel dat ik er maar meteen 3 nachten ben gebleven om niet in La Paz maar in Coroico te relaxen. De kamers zijn perfect, groot, vrij uitzicht over het dal, een hangmat op het balkon, een uitstekend klimaat, een goede bediening, een zwembad, een grote tuin en een lage prijs. Kortom, wat zou ik meer willen.
De volgende dagen heb ik wat wandeltochten gemaakt. De VVV had geadviseerd om een gids te nemen, de paden zouden moeilijk te vinden zijn en de boeren onvriendelijk (vanwege de Coca willen ze geen pottekijkers). Eigenwijs als ik ben dacht ik, die weg vind ik wel en een glimlach doet wonderen.
Mijn eerste tour was naar een dorpje, Tocaña. Daar wonen 26 zwarte families, afstammelingen van voormalige slaven uit de Potosi mijnen. Ze houden er een eigen cultuur op na en zijn beroemd om hun muziek. Ze hebben zelfs een eigen koning (een afstammeling van een koning die als slaaf is meegevoerd).
Toen ik in het dorp aankwam werd mij verteld dat er 's avonds een feest zou zijn met muziek, drank en eten. Ik ben altijd in voor muziek, dus 's avonds heb ik een taxi gehuurd (de weg is 's avonds te gevaarlijk en te ver) en ben terug gegaan. Aangekomen vond ik 3 inwoners die stevig aangeschoten waren. Ze hadden gitaren en een drum bij zich. Toen ik vertelde dat ik voor het feest kwam heetten ze me allerhartelijkst welkom en boden me drank en coca aan. Ze wilden graag met die Hollander praten (de eerste keer dat er een een Hollander ontmoette????). Beetje lastig verstaan als alle tanden ontbreken. Maar ze waren bijzonder aardig. Na een uur heb ik toch maar besloten om de wachtende taxi terug te nemen. Drank kan later minder gezellig worden. Ze hebben nog wel een paar nummertjes voor me gespeeld. Het was gezellig en een leuke ervaring, maar zonder de verwachte festiviteiten. Aardige mensen, niets onvriendelijks aan.
De volgende dag ben ik met Thomas en Steffi (kende ik van de fietstocht) gaan wandelen, naar de Uchumachi top (2500 m) en naar grote watervallen (alleen).
Het was hier heerlijk en zeer ontspannend.
Terug in La Paz heb ik Pietro en Ivana weer ontmoet. We hebben samen ons afscheids diner gehouden.